woensdag 10 oktober 2007

Architect met grote "A".

Op een feestje bij vrienden was ook R, een vriend van de vrienden. Je kent dat wel, zo iemand die je alleen op feestjes tegenkomt, één à twee keer per jaar. Een klein detail, R is architect.

Nu zijn wij niet het soort mensen die direct zullen zeggen tegen zo'n mens: "Wij gaan bouwen", maar dat deden onze vrienden wel voor ons. "Dit zijn de mensen die zo'n ecologische strobouw-woning gaan zetten", kraaiden zij enthousiast. De reactie was onder het vriespunt: "Dat zou ik echt niet zien zitten", zei hij. Op de vraag of hij bekend was met het principe stro-leem-houtskelet mompelde hij iets van "Bokrijk". Tja.

Deze vriend-architect heeft de verbouwingen van onze vrienden voor zijn rekening genomen, mooi gedaan. Maar toch vreemd dat, hoewel zij specifiek vroegen een zonneboiler in het plan te zetten, er op de twee eerste plannen niets van te zien was. Twee keer hebben ze moeten zeggen dat ze er ECHT één wilden. Echtig en techtig. Tja, blijkbaar is dat volgens hem, vaak het eerste dat afvalt bij een verbouwing. Mensen vragen dat, maar ze willen het niet echt. Raar.

Ook vindt hij — en met hem een groot deel andere architecten — dat de moderne materialen er niet voor niets gekomen zijn. Waarom dan teruggrijpen naar iets van jezekestijd? Misschien omdat die evolutie er meestal niet gekomen is om de kwaliteit te verbeteren, maar vooral uit economische overwegingen.

Neem nu baksteen. Vroeger werden kleistenen gewoon in de zon gedroogd. Het probleem daarbij was dat dat heel traag gaat, en tijdens de wintermaanden kan je niks doen omdat het te koud/vochtig is. Dus gingen ze bakken. Resultaat: sneller en meer omzet.
Maar de keerzijde van de medaille is dat ze gewoon minder goed zijn. Gebakken kleistenen houden veel minder de warmte vast en zijn minder vochtregulerend.

Ach, architecten. Zoals een vriend/architectuurfotograaf ooit antwoordde op mijn vraag waarom de meeste moderne woningen zo op elkaar lijken: "Niet moeilijk, als ik foto's ga maken komt de architect er aan met een camion vol 'correcte' meubels en zwieren ze de mensen hun spullen even opzij!" Niet moeilijk dat het allemaal eenheidsworst lijkt.

Maar wij gaan het anders doen, ik beloof het. Echtig en techtig.

zondag 7 oktober 2007

Dé bouwgrond FAQ.

1. De H van "Dé" bouwgrond is niet dezelfde H als de vorige H.
2. Het perceel is ongeveer 1000m2 groot.
3. Breedte 20 meter, diepte 50 meter.
4. Tijdsraming: ongeveer 2 jaar.

Enfin, het is maar dat u het weet :-)

dinsdag 25 september 2007

Bouwgrond. Check!

Na lang zoeken hebben (ja hoor U leest het goed) we een bouwgrond gekocht. De compromis is getekend, dus we denken dat er nu niets mis meer kan gaan ;-)

Vanmorgen zijn we in het immo-kantoor de compromis gaan tekenen. De afspraak was om 10u30 in het kantoor. Toen we daar aankwamen (10 minuten te vroeg) zei de mevrouw: "Ze zitten al allemaal op jullie te wachten, ze waren véél te vroeg". Wat troffen we aan: drie broers en "moeder" was er ook bij.
Maar zo'n lieve mensen. We kregen het verhaal dat "vader" overleden was en dat vroeger "Mieke" op de grond heel haar leven had gewoond in een betonnen bouwsel. Ze was blijkbaar een heel bekend figuur in H. Lokale folklore dus. En dat het daar goed wonen was in H. en dat het rustig was en toch vlakbij het dorp. We wilden nog zeggen: "We hebben al gekocht hoor, extra reclame hoeft niet". Maar het waren gewoon lieverds, die broers.

Enfin, rest nog te zeggen dat C (die erbij was) haar voorbeeldig gedragen heeft. "Oooooh, wat een lief en braaf kindje". En dat W toch een paar uur in een "woehoe" stemming was ;-)

En nu foto's!



donderdag 16 augustus 2007

Avonturen met bouwgrond.

We hadden (let op er staat "hadden" niet hebben) eindelijk een bouwgrond gevonden. Hij voldeed aan praktisch alle eisen. In het dorp, vlakbij scholen, winkels, bushalte. In een rustige straat en de bouwvoorschriften waren volgens onze architect: "je kan niet beter hebben".

Hadden dus, niet hebben. Wat is er nu gebeurd:

1. W belt naar de verkopers in kwestie om te vragen of de kavel nog te koop staat. De verkoopster zegt ons dat er al een optie op is. "Oh wat jammer" zegt W. Ja maar, zegt ze ons, we konden misschien wel een hoger bod doen of misschien iets in het zwart regelen. Raar. Volgens ons was een optie toch bindend? We krijgen de raad om de volgende dag terug te bellen.

2. W belt terug, en hoera, de grond is nog te koop. We zeggen dat we geïnteresserd zijn, maar dat we nog een hoop zaken willen nakijken bij bank, notaris en dienst ruimtelijke ordening. De vrouw vraagt ons een tweede keer naar een eventuele regeling "in het zwart". En vraagt wat we willen betalen. W wimpelt haar af met de woorden, "daar hebben we nog niet echt over gedacht, en daar is nog tijd voor om daar over te praten". W vraagt aan de verkoopster of ze ons wil laten weten als er nog kapers op de kust komen.

3. In de verschillende dagen die daarop volgen lopen we naar de bank, de notaris en ruimtelijke ordening. We praten met deze mensen over compromissen, leningen en bouwvoorschriften. We gaan kijken met onze architect die ons een "thumbs up" geeft.

4. W belt terug naar de verkopers met de heugelijke boodschap dat voor ons part de koop gesloten is, en we bieden een bedrag dat ongeveer 5% onder de vraagprijs ligt ... groot probleem ...
Wij blijken oneerlijke mensen te zijn die niet van hun woord zijn.
PARDON zeggen wij? Wij hadden volgens hen al toegezegd op de vraagprijs, daardoor hebben zij de mensen met een optie de laan uitgestuurd. We hadden dus blijkbaar een mondeling contract zonder daar iets van te weten!

5. Na een dag getwijfel besluiten we dan toch voor de vraagprijs te gaan. We bellen de verkoopster, maar die wil niet meer met ons praten, haar man wel. Die zegt ons dat ze onder geen beding meer aan ONS willen verkopen. Zelfs niet aan de vraagprijs.

Wie is er nu zot?

woensdag 15 augustus 2007

Workshop strobalenbouw.

Het provinciaal centrum voor duurzaam bouwen organiseerde een workshop strobalenbouw op Kamp C in Westerlo. De workshop werd gegeven in samenwerking met vzw Casa Calida die het praktijkgedeelte verzorgde. We hebben natuurlijk al enkele van die huizen gezien, maar het echt "gedaan" natuurlijk niet. Misschien hebben we er wel een verkeerd beeld van! Misschien kunnen we het niet zelf doen! Dus W daarheen.

Een (kort) verslag:

De workshop begon met een theoretisch gedeelte waarin Maarten, medewerker van Kamp C, vooral de voordelen op een rijtje zette:
- Betaalbaar (een strobaal kost 1,5 tot 2 euro)
- Het gaat om duurzame (hernieuwbare) grondstoffen
- Stro isoleert erg goed
- Leem is gezond en vochtregulerend

Enkele aandachtspunten:
- Brandveiligheid: bij testen in Duitsland haalt stro, ingepakt in leem, gemakkelijk negentig minuten. Gelijkwaardig aan baksteen dus. Alle strobalenhuizen in België hebben een normale brandverzekering gekregen.
- Ongedierte: stro is geen voedsel. Ongedierte heeft er dus niks te zoeken. Als het stro goed ingepakt zit kunnen muizen er ook geen warm holletje maken. Goed dicht afwerken met leem is dus de boodschap.
- Rotting: stro dat te vochtig is (meer dan 15%) zal gaan rotten. Het is belangrijk droog stro te gebruiken. Als het eenmaal afgewerkt is met leem, blijft het droog.

Na het bekijken van een demonstratiewoning (architect M. Depreeuw) op het terrein van Kamp C ging de groep een kijkje nemen in Mol naar een strobalenhuis in aanbouw (Architect P. Vos). De technieken verschillen wezenlijk van elkaar.
P. Vos vertrekt doorgaans van een houtskelet met een dak erop. Vanaf dat moment kunnen de muren geplaatst worden. Het stro kan dan gestockeerd en geplaatst worden zonder dat het nat wordt. Op dat moment kan de bouwheer nog keuzes maken voor binnen- en buitenmuren. Zijn visie kan je samenvatten als "Laten we terug ons gezond verstand gebruiken". Later werd hier en daar opgemerkt dat het onwaarschijnlijk eenvoudig is, ongelooflijk haast.

Na de lunchpauze op het balkon in een stralend zonnetje ging het actieve deel van start. Er werd een heuse strobalmuur opgezet. Strobalen werden gezaagd, in verband gezet, aangespannen, geschoren en beleemd.
Moe (en een beetje vuil) maar voldaan kwam W thuis. Hij verbaasde zich erover hoe simpel zoiets kan zijn. We weten het nu zeker ... we willen een strobalenhuis!